Systeem

   Sy ’t haar gebalde buik
   die afgrond toevertrou
   en kan nie terugkatrol
   maar moet al sneller sak
   al radeloser tol
   tot waar die besemstruik
   in oker skuim oopvou.
Zij heeft haar gebalde buik
de afgrond toevertrouwd
en kan niet terugkatrollen
maar moet al sneller zakken
steeds radelozer tol
tot waar de bezemstruik
in oker schuim ontvouwt.
   Met lig wat sy ontlas
   ryg sy die blare vas
   en koppel tak aan tak.
   Sy span vanaf die spil
   tien speke in ’n straal
   en trek haar dun patroon
   – die silwer dekagoon –
   in spreiende spiraal
   tot alles snaarstyf tril.
Met licht dat zij ontlast
rijgt zij de bladeren vast
en koppelt tak aan tak.
Zij spant vanaf de spil
tien spaken in een straal
en trekt haar fijn patroon
– de zilveren decagoon –
in uitbreidend spiraal
tot alles snaarvast trilt.
   Sy strik die laatste knoop
   en krimp bedees opsy,
   geledig deur die vlyt.
Zij strikt de laatste knoop
en wijkt bedeesd opzij
geledigd door de vlijt.
   Kyk – op haar rug die kruis
   van barmhartigheid
   wat elke argwaan stil.
Kijk – op haar rug het kruis
van barmhartigheid
dat elke argwaan stilt.
   Maar as die raamwerk ril
   sal sy elektries gly –
   ’n aarsellose oop
   agtvingerige vuis.
maar als het raamwerk rilt
zal zij elektrisch glijden –
’n aarzelloze open
achtvingerige vuist.








   Gedicht Sisteem van Elisabeth Eybers, Balance, Amsterdam, Querido 1963
   Vertaling Dianne Soli 2017













Advertenties

Broedzorg

In 2 foto’s.
De tandkaak, Enoplognatha, behoort tot de kogelspinnen (theridiidae). Deze spinnen (3 tot 6 mm) hebben een vrij typerend kogelvormig lichaam dat het grootste deel van de organen bevat. De meest voorkomende kleuren van het achterlijf zijn geel en wit. Vaak zijn er twee rode strepen aanwezig; soms is het achterlijf geheel rood.
Je vindt de tandkaken in lage vegetatie zonder uitgebreid vangweb, maar met enkele gesponnen draden. Die werpt de spin eerst vanaf een veilige afstand over haar prooi, want ze kan zo zelfs grote wespen aan. De gifklier van de spin ligt inwendig aan de voorzijde van het kopborststuk en wordt bediend door twee gedraaide spieren die het gif met grote kracht in de holle kaken en vervolgens in de prooi brengen.
Kogelspinnen leggen hun eieren in ronde, zijden eizakjes, die worden bewaakt door het vrouwtje. De eitjes worden in een beschermende cocon geplaatst en meestal verborgen, zoals hier, in een kommetje van een ingesponnen blad. Broedzorg komt bij spinnen veel voor.
Dit is de gewone of de vergeten tandkaak. Determinatie is alleen mogelijk door het onderzoeken van de genitaliën.
Spinnen in deze familie zijn meestal ’s nachts actiever. Tijdens daglicht verbergen ze zich in omgekruld blad.

 
 

 
 
 
 
 
 

Schuilplaats

In 2 foto’s. Klik om te vergroten. Click to enlarge.

De Japanse anemoon in een schaduwhoek van de tuin is een koele schuilplaats voor deze gewone oorworm.
Hoewel oorwormen, of oorwurmen, vier vleugels hebben, vliegen ze bijna nooit. Het zijn voornamelijk kruipende insecten. Oorwormen verbergen zich in voorjaar en zomer in een vochtige omgeving, in bloemen, loszittend schors en onder blad omdat ze gevoelig zijn voor uitdroging. ’s Nachts gaan ze op zoek naar voedsel. Ze leven van plantendelen, dood materiaal en kleine insecten, zoals bladluizen.
De gewone oorworm is de bekendste oorworm in Europa. In Nederland komen vijf soorten voor. De meeste oorwormen hebben twee tangachtige aanhangsels aan het achterlijf. Daarmee zal de oorworm niet steken, wel knijpen, maar je zult er niet gewond van raken. De knijpkracht is te zwak. Bij verstoring houdt de oorworm de ‘tangen’ als afschrikkende functie omhoog. De wetenschappelijke naam van de grootste groep van de oorwormen, familie Forficulidae, verwijst naar de verharde achterlijfsaanhangsels, furficula betekent ‘schaartje’.

Het woord oorwurm is voor het eerst in geschriften uit 1351 gevonden, maar pas vanaf de dertiende eeuw werden Nederlandse teksten vastgelegd; vermoedelijk is het woord veel ouder en stamt het uit de Germaanse tijd. Dat zou je ook kunnen terugvoeren naar het Engels en het Duits omdat het diertje ook daar een oornaam heeft gekregen. Maar waarom heet een oorworm nou een oorworm en wat heeft dat te maken met een oor? Vroeger werden oorwormen vermalen tot een medicijn tegen ooraandoeningen. Dat kan uit de signatuurleer voorkomen, zoals gele bloemen tegen geelzucht zouden kunnen helpen; de oorworm zou (met vliezige gespreide vleugels) op een oor lijken en daarom een geschikt medicijn tegen bijvoorbeeld doofheid.
Een andere optie is omdat oorwormen zich graag in nauwe, donkere spleten ophouden, het oor een geschikte schuilplaats leek om zich in te kunnen wurmen. En wat te denken van de muzikale oorwurm die in je oor bljft hangen, maar waar je niet echt prijs op stelt? :-)
Net zoals bij alle insecten kan er altijd wel eens iets kriebeligs in je oor kruipen, maar een oor is te warm en te droog voor een oorworm; hij zal er niet graag blijven logeren. Het is en blijft een hardnekkige en spannende kippenvelfabel.

Bron 1, Bron 2

Forficula auricularia – common earwig – Gemeiner Ohrwurm – Forficule – Vanlig saksedyr – Forfecchia – Skorek pospolity – Vanlig tvestjärt – Kulağakaçan


 



 
 
 
 
 

Mooie dag

4 foto’s… Het is een mooie dag om bootje te varen of pootje te baden…

Of je wentelt je in de koele druppels van de ochtend zoals deze wenkvliegjes op de dauw van vrouwenmantel.

Blomsterphoto wenkvliegjes 2016 Soli

Blomsterphoto wenkvliegjes Soli 2016_2

Blomsterphoto Wenkvliegjes Soli 2016

 

Juveniele roodborst

Galerij van 3 foto’s.
Zo gezellig, een jonge roodborst, Erithacus rubecula, op ooghoogte. Roodborsten zijn nieuwsgierige vogels. Deze kleurt al naar rood. Jonge roodborsten hebben in het begin nog geen rode borst, ze zijn daardoor goed gecamoufleerd en wekken ook geen agressie op bij hun ouders. (Bron: Vogelbescherming). Dit jonkie had het druk met het vangen van insecten, maar wilde ook wel poseren :-)
Klik voor (Fn – F11) een scherpere weergave.