Blauwtjes

In 7 foto’s.

Op zoek naar blauwtjes, kwam ik het icarusblauwtje, de kleine vuurvlinder en het boomblauwtje tegen. En nog een heleboel andere insecten. Maar in dit blog blijf ik graag bij de blauwtjes. Toen ik ze zag, ben ik er niet achter aan gaan lopen, maar in het gras gaan zitten tussen de distels en het knoopkruid. De ervaring leert dat alles vanzelf komt. En het kwam, gehavend en wel…

  • Klik om te vergroten. Click to enlarge
  • .

    Polyommatus icarus – Icarusblauwtje – Common blue – Hauhechel-Bläuling – Argus bleu – Almindelig blåfugl – Puktörneblåvinge – Modraszek ikar – Módračk

    Lycaena phlaeas – Kleine vuurvlinder – Small copper – Kleiner Feuerfalter – Cuivré commun – Lille ildfugl – Mindre guldvinge – Czerwończyk żarek – Copor bach

    Celastrina argiolus – Boomblauwtje – Holly blue – Faulbaum-Bläuling – Azuré des nerpruns – Vårblåvinge – Tosteblåvinge – Modraszek wieszczek – ルリシジミ

    ☘️

    _

    Advertenties

    Breedbandgroefbij

    In 9 foto’s.  Op zoek naar blauwtjes, die ik ook vond, heb ik ontzettend veel plezier beleefd aan de breedbandgroefbijen in dit zonnige weekend 🐝
    De Breedbandgroefbij, Halictus scabiosae, is een grote groefbij (12-14 mm) die haar nest in lemige grond graaft. Een goede biotoop is schraal grasland en de bloemrijke uiterwaarden. Deze bijen vliegen op verschillende bloemen.
    Hier, in Zuid-Limburg, komt de breedbandgroefbij voor, ook in de tuin, maar in principe zeldzaam in Nederland. De laatste jaren rukt deze bij via het Maas- en Waaldal op naar het noorden. We moeten nog meer gaan letten op ons maaibeleid en laat die stekelige distels maar gewoon staan.

    Klik om te vergroten (galerij).

    .

    Naast het groepje mannelijke exemplaren, vloog een vrouw breedbandgroefbij. De mannetjes zien er veel slanker uit dan de vrouwtjes, maar hebben ook de kenmerkende brede banden op hun achterlijf. De antennes van de mannetjes zijn zwart en aan het uiteinde gekromd.


    Bronnen:

  • Halictus
  • Wilde bijen – Halictus scabiosae
  • waarneming.nl


  • ☘️

    _

    Bekende zweefvlieg

    Met 2 foto’s.
    Deze zweefvlieg met de naam blinde bij, Erastalis tenax, heb ik al een paar maal de revue laten passeren. Soms blijft hij langskomen :-) vooral op de goudsbloemen. Ik heb geprobeerd om de haren op zijn ogen te laten zien, daarom wordt hij ook ‘blinde’ (bij) genoemd. dat is vooral op foto 1 gelukt. Gelukkig trok hij zich niks van mij aan. Ik heb fijn gespeeld op deze vrije woensdagmiddag.

    ☘️

    _

    Basilicum

    is natuurlijk ook fantastisch lekker…

    Klik om te vergroten, click to enlarge

    – Zuringuil – Acronicta rumicis – Knot grass – Ampfer-Rindeneule – Noctuelle de la Patience – Syraftonfly – Syrekveldfly – Bidog y tafol – 🦋

    Rups – Caterpillar – Raupe – Chenille – Oruga – Bruco – Gąsienica – Fjärilslarv – Halene – Tırtıl – Maşot – Oobit – Hulat – Eruga – Housenka – Cruimh

    ☘️

    _

    Systeem

       Sy ’t haar gebalde buik
       die afgrond toevertrou
       en kan nie terugkatrol
       maar moet al sneller sak
       al radeloser tol
       tot waar die besemstruik
       in oker skuim oopvou.
    Zij heeft haar gebalde buik
    de afgrond toevertrouwd
    en kan niet terugkatrollen
    maar moet al sneller zakken
    steeds radelozer tol
    tot waar de bezemstruik
    in oker schuim ontvouwt.
       Met lig wat sy ontlas
       ryg sy die blare vas
       en koppel tak aan tak.
       Sy span vanaf die spil
       tien speke in ’n straal
       en trek haar dun patroon
       – die silwer dekagoon –
       in spreiende spiraal
       tot alles snaarstyf tril.
    Met licht dat zij ontlast
    rijgt zij de bladeren vast
    en koppelt tak aan tak.
    Zij spant vanaf de spil
    tien spaken in een straal
    en trekt haar fijn patroon
    – de zilveren decagoon –
    in uitbreidend spiraal
    tot alles snaarvast trilt.
       Sy strik die laatste knoop
       en krimp bedees opsy,
       geledig deur die vlyt.
    Zij strikt de laatste knoop
    en wijkt bedeesd opzij
    geledigd door de vlijt.
       Kyk – op haar rug die kruis
       van barmhartigheid
       wat elke argwaan stil.
    Kijk – op haar rug het kruis
    van barmhartigheid
    dat elke argwaan stilt.
       Maar as die raamwerk ril
       sal sy elektries gly –
       ’n aarsellose oop
       agtvingerige vuis.
    maar als het raamwerk rilt
    zal zij elektrisch glijden –
    ’n aarzelloze open
    achtvingerige vuist.








       Gedicht Sisteem van Elisabeth Eybers, Balance, Amsterdam, Querido 1963
       Vertaling Dianne Soli 2017













    Broedzorg

    In 2 foto’s.
    De tandkaak, Enoplognatha, behoort tot de kogelspinnen (theridiidae). Deze spinnen (3 tot 6 mm) hebben een vrij typerend kogelvormig lichaam dat het grootste deel van de organen bevat. De meest voorkomende kleuren van het achterlijf zijn geel en wit. Vaak zijn er twee rode strepen aanwezig; soms is het achterlijf geheel rood.
    Je vindt de tandkaken in lage vegetatie zonder uitgebreid vangweb, maar met enkele gesponnen draden. Die werpt de spin eerst vanaf een veilige afstand over haar prooi, want ze kan zo zelfs grote wespen aan. De gifklier van de spin ligt inwendig aan de voorzijde van het kopborststuk en wordt bediend door twee gedraaide spieren die het gif met grote kracht in de holle kaken en vervolgens in de prooi brengen.
    Kogelspinnen leggen hun eieren in ronde, zijden eizakjes, die worden bewaakt door het vrouwtje. De eitjes worden in een beschermende cocon geplaatst en meestal verborgen, zoals hier, in een kommetje van een ingesponnen blad. Broedzorg komt bij spinnen veel voor.
    Dit is de gewone of de vergeten tandkaak. Determinatie is alleen mogelijk door het onderzoeken van de genitaliën.
    Spinnen in deze familie zijn meestal ’s nachts actiever. Tijdens daglicht verbergen ze zich in omgekruld blad.

     
     

     
     
     
     
     
     

    Schuilplaats

    In 2 foto’s. Klik om te vergroten. Click to enlarge.

    De Japanse anemoon in een schaduwhoek van de tuin is een koele schuilplaats voor deze gewone oorworm.
    Hoewel oorwormen, of oorwurmen, vier vleugels hebben, vliegen ze bijna nooit. Het zijn voornamelijk kruipende insecten. Oorwormen verbergen zich in voorjaar en zomer in een vochtige omgeving, in bloemen, loszittend schors en onder blad omdat ze gevoelig zijn voor uitdroging. ’s Nachts gaan ze op zoek naar voedsel. Ze leven van plantendelen, dood materiaal en kleine insecten, zoals bladluizen.
    De gewone oorworm is de bekendste oorworm in Europa. In Nederland komen vijf soorten voor. De meeste oorwormen hebben twee tangachtige aanhangsels aan het achterlijf. Daarmee zal de oorworm niet steken, wel knijpen, maar je zult er niet gewond van raken. De knijpkracht is te zwak. Bij verstoring houdt de oorworm de ‘tangen’ als afschrikkende functie omhoog. De wetenschappelijke naam van de grootste groep van de oorwormen, familie Forficulidae, verwijst naar de verharde achterlijfsaanhangsels, furficula betekent ‘schaartje’.

    Het woord oorwurm is voor het eerst in geschriften uit 1351 gevonden, maar pas vanaf de dertiende eeuw werden Nederlandse teksten vastgelegd; vermoedelijk is het woord veel ouder en stamt het uit de Germaanse tijd. Dat zou je ook kunnen terugvoeren naar het Engels en het Duits omdat het diertje ook daar een oornaam heeft gekregen. Maar waarom heet een oorworm nou een oorworm en wat heeft dat te maken met een oor? Vroeger werden oorwormen vermalen tot een medicijn tegen ooraandoeningen. Dat kan uit de signatuurleer voorkomen, zoals gele bloemen tegen geelzucht zouden kunnen helpen; de oorworm zou (met vliezige gespreide vleugels) op een oor lijken en daarom een geschikt medicijn tegen bijvoorbeeld doofheid.
    Een andere optie is omdat oorwormen zich graag in nauwe, donkere spleten ophouden, het oor een geschikte schuilplaats leek om zich in te kunnen wurmen. En wat te denken van de muzikale oorwurm die in je oor bljft hangen, maar waar je niet echt prijs op stelt? :-)
    Net zoals bij alle insecten kan er altijd wel eens iets kriebeligs in je oor kruipen, maar een oor is te warm en te droog voor een oorworm; hij zal er niet graag blijven logeren. Het is en blijft een hardnekkige en spannende kippenvelfabel.

    Bron 1, Bron 2

    Forficula auricularia – common earwig – Gemeiner Ohrwurm – Forficule – Vanlig saksedyr – Forfecchia – Skorek pospolity – Vanlig tvestjärt – Kulağakaçan