Een wereld onder blad

(4 foto’s)
Er is nog een wereld te vinden in de tuin onder het herfstblad dat de wind aan de randen verzameld heeft. Niet alleen de wintermuggen, maar ook andere insecten, zoals onder andere kevers, larven van de sluipwespen of rupsen van dag-en nachtvlinders gebruiken het blad om te overwinteren. Misschien worden ze voedsel voor de scharrelende vogels, misschien kruipen ze dieper weg in een schuilplaats. Er zijn steeds minder insecten en alle kleine beetjes helpen: de tuin hoeft niet keurig ‘winterklaar’ te zijn. Je ziet dan ook zoveel meer.
Ik laat het blad zoveel mogelijk met rust en straks zal het prachtige bladaarde zijn om de aarde in de tuin te verrijken zónder toevoegingen van het tuincentrum. (Klik voor een grotere en scherpere weergave.)

Lumix en Raynox: Rups Nachtvlinder

☘️

☘️

Het valt goed op, het appelgroen van deze bladwesplarve op het herfstblad. De larve lijkt op een rups, maar heeft onder andere meer onafgebroken buikpoten, de kop is donkerder gekleurd en rond. Bladwesplarven hebben ook een wat geribbeld lijf, de afzonderlijke segmenten zijn soms bijna niet zichtbaar en het uiteinde van het achterlijf is vaak naar beneden gekromd. (Bron: De Vlinderstichting.)

☘️

Van blad op mijn hand kroop deze kleine wegdistelspitsmuis. Hij heeft onder de verschillende distels ook de wegdistel als waardplant, vandaar de naam. Deze foto is van eind oktober, maar ook dit parmantige kevertje, uit de familie Apionidae, zat onder het blad verstopt.

Wegdistelspitsmuis – Ceratapion onopordi

☘️

_

Advertenties

Weg

‘Of we vinden een weg, of we maken er één.’ (Hannibal)

Lumix & Raynox

☘️

_

Ruigtelieveheersbeestje

3-6 mm. Het ruigtelieveheersbeestje (Hippodamia variegata) is een vrij klein en langwerpig lieveheersbeestje dat gemakkelijk te herkennen is aan de karakteristieke witte tekening op het zwarte halsschild: zowel de zijranden als de voorrand zijn wit met een witte middenstreep die tot halverwege loopt. Aan weerszijden van deze middenstreep staat in de zwarte vlek een witte vlek die soms ook verbonden is met de voorrand. Op de achterste helft van elk dekschild staan drie grote stippen en op de voorste helft staan naast de schildstip nog één tot drie kleine stippen.

Je kunt ze in kruidenvegetaties en struweel vinden, zowel in natuurgebieden als in stedelijk gebied (bijv. braakliggende terreinen). Heeft een voorkeur voor kruidenvegetaties die afgewisseld worden met open zandige plekken.
De meeste waarnemingen komen uit juni tot oktober met een piek in augustus.
Overwintering – Tussen bladafval en op lage planten.
Voedsel – Bladluizen.

Bron: waarneming.nl

☘️

_

Geel op geel

Zo’n beeld kan ik toch echt niet weerstaan: lieveheersbeestje op schijnpapaver.

☘️  2018

Veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje – Harmonia axyridis – Harlequin – Harlekin-Marienkäfer – Coccinelle asiatique – Coccinella arlecchino – Mariquita asiática multicolor

_

Kevers

(In 6 foto’s.)

Een in onbruik geraakt gebouw wordt afgebroken. Het gras hoeft niet meer gemaaid en maakt plaats voor wilde bloemen. Ook de tweekleurige smalboktor gaat hier uitbreiden

Deze kever heeft meerdere Nederlandse namen: zwartstreepsmalbok of tweekleurige smalboktor of zwartpuntsmalbok en bruine smalbok. Stenurella melanura of Strangalia melanura (zoals hij wetenschappelijk ook wel wordt genoemd) is een kever met een smal bruin lichaam. De kop, poten en de tasters zijn zwart. De tasters zijn ongeveer even lang als het lijf. Meestal is de punt van de dekschilden zwart gekleurd, dat is overigens niet altijd goed te zien. Ook het midden van het achterlijf is zwart gekleurd, maar niet altijd. Het lichaam is bedekt met een fluweelachtige beharing. De kever is 6 tot 10 millimeter lang. Je ziet deze boktor veel op bloemen want zijn voedsel bestaat alleen uit nectar en stuifmeel.

☘️

De fraaie schijnboktor of fraaie schijnbok doet zijn naam alle eer aan, want fraai is hij zeker met die opvallende metaalglans. De kleur is heldergroen, maar kan variëren van blauw tot violet. De wetenschappelijke naam is Oedemera nobilis. De soort komt uit de familie schijnboktorren (Oedemeridae).
Zoals goed te zien is, zijn de dekschilden aan de achterzijde versmald, de achtervleugels zijn daardoor voor een deel onbedekt. Dit is een vrouwtje. De achterpoten van het mannetje hebben sterk opgezwollen dijen (zie foto). Dit zie je bij de meeste Oedemera soorten.
In de lente vind je deze kever op verschillende bloemsoorten, hij voedt zich met nectar en stuifmeel. De fraaie schijnbok is ongeveer 8 mm lang.

☘️

Wat ik ook vond, maar dan op blad, is een andere keversoort met geelbruine dekschilden. De wolkever (Lagria hirta). Het is een tere, trage kever die verschillende planten eet. Je vindt hem van mei tot augustus op vochtig terrein en op open plekken in bossen. De wolkever is ruig behaard en wordt ook wel ruigkever genoemd. Hij heeft een zwarte of bruine kop en borststuk en is ongeveer 7 tot 10 mm lang.

☘️

Alle foto’s zijn te vergroten door op het beeld te klikken.

 

Bron:  SoortenBank  Wolkever – Lagria hirta
            Wikipedia        Fraaie schijnboktor – Oedemera nobilis
            Wikipedia        Zwartstreepsmalbok – Stenurella melanura

_

Notiophilus

Deze week in de tuin gespot: een kleine bronskleurige loopkever, met opvallend grote ogen, uit de familie Carabidae. Er zijn verschillende andere soortgelijke soorten, maar de tweevlekspiegelloopkever of tweevlekkige snelkever (Notiophilus biguttatus) komt het meest voor. Lengte 5-6mm.
Deze dag-actieve kevers vind je in bos, tuin en park. Ze komen voor op schaduwachtig of iets open gebied dat uit matig droog, zandige of leemachtige grond bestaat, bedekt met dunne vegetatie of bladresten. Ze houden van een humeuze bodem. De volwassen kevers kun je tussen mei en november zien. Op bewolkte dagen zoeken ze dekking tussen of onder dode bladeren, stenen, naaldbomen of stukjes hout. Ze zijn carnivoor. Op hun menu staan vooral springstaartjes, spinnen, vliegen, mijten en bladluizen.
Bron.
Klik op een foto om de galerij te openen.


 
 
 

Bergop

De bloemen zijn aan het verdorren, het blad krult bruin en valt af. Dan is het nog een hele toer om je van de herfst af te willen keren; misschien helpt het om naar de zon te klimmen…

Stokroossnuitkever – Rhopalapion longirostre – Hollyhock Weevil – Langrüssliges Stockrosenspitzmäuschen – Apion des roses trémières