Oren ( Ledra aurita)

Na een dag van binnenblijven vanwege de extreme hitte, kwam de ontlading via een heftig onweer. Een oorverdovende klap en een geluid alsof er iets van glas ontplofte en door de woonkamer vloog. Na inspectie bleek er niets aan de hand tot we ontdekten dat het internetmodem was gestorven. Wat we ook probeerden, hij ging niet meer aan! Dus ook geen televisie, oh, de serie op Canvas die we op zaterdag volgen, oh, geen Netflix voor mij op de bank met chocoladekoekjes en die koekjes zijn niks zonder Netflix. En geen telefoon. Gelukkig was er nog het mobiele telefoontje om te bellen naar de provider: maandag of dinsdag nieuw modem, want weekend. Oké, wat zijn we afhankelijk geworden! En oké, die koekjes smaakten best bij een dvd. Máár verrassing: vanochtend met de post een nieuw modem. Dat is nog eens service! Vanavond Canvas! En vandaag een blog. Over oren.

  • Oorcicade Ledra aurita
  • Hij komt algemeen voor, maar je ziet hem weinig omdat hij hogerop leeft, namelijk in bomen tussen korstmos op voornamelijk (zomer) eiken.

    Ik heb deze cicade tot voor kort nooit gezien en ik wist niet wat ik zag met die oorvormige uitsteeksels en dat platte bekje. Ik zag wel meteen dat het een cicade was, dat helpt wel met het vinden van de naam. In Frankrijk wordt hij de grote duivel genoemd, le grand diable.

    De oorcicade is de enige in zijn soort (van de subfamilie Ledrinae) die in Europa leeft en is aanzienlijk groter, namelijk tot 18 mm lang.
    Gevonden op de klimop bij mijn dochter in de tuin.

    ☘️

    _

    Vlinders

    In dit blog:
    ✓ Metaalvlinder ✓ Vijfvlek-sint-jansvlinder ✓ Sint-jansvlinder ✓ Bonte beer ✓ Dambordje ✓ Koevinkje ✓ Hooibeestje ✓ Tweekleurig hooibeestje ✓ Bruin zandoogje ✓ Dwergblauwtje ✓Gouden langsprietmot ✓ Dwergdikkopje ✓ Groot dikkopje ✓ Zwartsprietdikkopje

    Ik zou ze bij ons in Zuid-Limburg kunnen aantreffen, deze dag- en nachtvlinders. Maar ik vond ze in de Eifel, op nog geen anderhalf uur van ons huis, tijdens een tweedaags bezoek aan vrienden. Helaas betrokken en winderig weer, maar vlinders op elke bloem als maar even de zon doorbrak. Heel voorzichtig heb ik de bloemen proberen stil te houden met een hand om met de andere hand te kunnen fotograferen. Sommige vlinders zijn hier zeldzaam tot zeer zeldzaam, maar in de Eifel is van die zeldzaamheid geen sprake. Ik heb zeker nog een aantal vlinders gemist vanwege het bewolkte koele weer, maar onze vrienden zullen het beslist niet erg vinden om nog eens een keer met mij en J. het veld in te gaan.

  • Metaalvlinder Adscita statices
  • De metaalvlinder is een nachtvlinder die dagactief is. Hij komt uit de familie bloeddrupjes (ZYGAENIDAE). Het is een kleine vlinder met een vleugellengte van 12 tot 16 millimeter. Metaalvlinders komen plaatselijk algemeen voor op niet te droge zandgronden. Ze bezoeken meestal de bloemen in open terreinen, vooral ruig grasland.



  • Vijfvlek-sint-jansvlinder Zygaena trifolii
  • Ook de vijfvlek-sint- jansvlinder is een dagactieve nachtvlinder die uit de familie bloeddrupjes komt. Zijn leefgebied is matig vochtige zandgrond. De vlinder is gevoelig voor maaien op het verkeerde moment.



  • Sint-jansvlinder Zygaena filipendulae
  • Zoveel bloeddrupjesfamilie op een plek, want ook de sint-jansvlinder hoort bij deze dagactieve nachtvlinders. Meestal is de tekening van de sint-jansvlinder zwart met rood , maar soms zijn de vlekken en achtervleugels geel.



  • Bonte beer Callimorpha dominula
  • Een beetje verscholen vanwege het sombere weer zat deze bonte beer. Een dagactieve nachtvlinder uit de familie spinneruilen, onderfamilie beeruilen. De vlinder heeft een spanwijdte van 45 tot 55 millimeter. In Limburg en soms daarbuiten wordt deze vlinder wel eens aangetroffen. De soort staat op de gevoelige lijst.



  • Dambordje Melanargia galathea
  • Het dambordje is een dagvlinder uit de familie aurelia’s. Het is een zeer zeldzame onregelmatige standvlinder. Af en toe worden er wel eens zwervers aangetroffen in Zuid-Limburg. Het dambordje heeft een voorkeur voor droge graslanden. De tekening op de vleugels lijkt enigszins op een dambord.



  • Koevinkje Aphantopus hyperantus
  • Het koevinkje is een dagvlinder uit de familie aurelia’s waaronder ook de zandoogjes vallen. Je komt hem onder andere vaak tegen op halfnatuurlijke graslanden, randen met struiken, open plekken en bloemrijke gebieden langs rivieren. Het koevinkje zoekt op hete dagen graag de schaduw op, net zoals de koeien. Vink is een oude benaming voor een aantal vlinders. Het koevinkje vliegt ook op bewolkte dagen en zelfs met lichte regen.



  • Hooibeestje Coenonympha pamphilus
  • Het hooibeestje is een kleine standvlinder. De mannetjes bezetten een territorium en maken patrouillevluchten.
    Het hooibeestje is een slechte vlieger en daardoor vaak laag boven het maaiveld te zien. De vlinders leven in grasland met een niet te hoge vegetatie, bermen en heidegebieden.



  • Tweekleurig hooibeestje Coenonympha arcania
  • Ik heb ook het tweekleurig hooibeestje gefotografeerd, maar helaas zat die te ver verscholen en hebben mijn acrobatische toeren de foto bewogen. Toch hoort hij erbij. In Nederland is hij verdwenen. Hij is daar in 1988 voor het laatst gezien. Dichtstbijgelegen populaties zijn in de Ardennen en de Eifel. Het tweekleurig hooibeestje leeft in droge tot matig vochtige graslanden.



  • Bruin zandoogje Maniola jurtina
  • De dagvlinder bruin zandoogje houdt van matig voedselrijk grasland. De vlinder is niet kieskeurig in nectarplanten. Er is een generatie.



  • Dwergblauwtje Cupido minimus
  • Het dwergblauwtje is sinds 1984 als standvlinder uit Nederland verdwenen, maar wordt nog geregeld in het zuiden van Limburg waargenomen en plant zich daar incidenteel ook voort. Het dwergblauwtje heeft maar een beperkt leefgebied nodig, van zo’n 200 vierkante meter. Op zo’n gebied kan een kleine populatie zich jarenlang handhaven, mits er in de buurt vergelijkbare leefgebieden zijn.



  • Gouden langsprietmot Nemophora metallica
  • De gouden langsprietmot is een dagactieve inheemse micro nachtvlinder uit de familie Adelidae, de langsprietmotten. De spanwijdte bedraagt tussen de 16 en 20 millimeter. Beemdkroon is een belangrijke voedselplant voor deze zeldzamere soort. Ik kom hem vaker in de Eifel tegen.



  • Dwergdikkopje Thymelicus acteon
  • In Nederland kwam het dwergdikkopje aan het begin van de 20e eeuw op vrijwel alle kalkgraslanden voor.



  • Groot Dikkopje Ochlodes sylvanus
  • De dagvlinder groot dikkopje is een mobiele standvlinder die leeft in allerlei beschutte, vrij vochtige graslanden en ruigten.



  • Zwartsprietdikkopje Thymelicus lineola
  • Het zwartsprietdikkopje breidt zich uit, maar de aantallen vlinders op de vliegplaatsen nemen af. Deze dagvlinder komt voor op bloemrijke plaatsen en ruig grasland, zonnige wegbermen, meerjarig kruidenrijk grasland.



    Met dank aan:
    Hans en Marjan voor het logeren en de veldtocht,
    Nature observations online van Waarneming.nl voor het op naam brengen van de vlinders,
    De vlinderstichting en Wikipedia voor de informatie (bronnen).


    Dank voor de belangstelling en tot ziens,
    Groet, Dianne

    ☘️

    _

    Meer april dan mei

    Dank voor jullie warme reacties. Op het ogenblik is bloggen toveren met de tijd. Maar het is en blijft leuk.

    Net thuis en in de regen gelopen, alles is frisgroen en ruikt heerlijk. Als maar even de zon doorbreekt, laten de hommels zich nog meer zien.

    ☘️

    Ik moet altijd lachen als ik deze cicade nimf zie, de Latijnse naam rolt er zo uit, Issus coleoptratus. Ik weet het ook alleen maar omdat ik hem vaker voor de lens heb gehad en ooit heb moeten zoeken. Toentertijd had ik zelfs nog geen idee waar ik moest zoeken, maar al kijkend en zoekend, leer ik steeds meer bij.


    ☘️

    Vorige keer liet ik het meeldauwlieveheersbeestje zien, maar deze is ook mooi! Het roomvleklieveheersbeestje (Calvia quatuordecimguttata). Wijnrood met 14 witte stippen.

    ☘️

    Dit zijn de bijen die ik de afgelopen maand heb gespot, het zullen er meer zijn geweest, maar niet alles zat stil :-)

    ☘️

    De akkerhommel is standaard in de tuin, meer nog dan de andere hommelsoorten. Hier is de tuinkorenbloem erg in trek.

    ☘️

    Dank voor jullie belangstelling en tot ziens.
    Groet, Dianne

    ☘️

    _

    April

    is alweer bijna voorbij. En ik merk dat ik het moeilijk vind om weer voor een blog te gaan zitten. Er is zoveel gebeurd dat bloggen niet meer in mijn systeem zit. Van uitstel komt meestal een – nog – langer afstel en ik heb toch wel veel moois gezien onderweg dat ik graag wil laten zien.

    ☘️

    Voor de kleine ooievaarsbek ‘hangt’ de zwartborstelwolzwever. Hij lijkt stil te hangen, maar de vleugels slaan ongeveer 300x per seconde.

    ☘️

    Waar ik ook kijk, zie ik een bessenwants of bessenschildwants. Het lijkt wel of het er meer zijn dan in andere jaren. Maar misschien zitten ze meer voor mijn neus. De eitjes worden in het voorjaar gelegd.

    ☘️

    En hoewel ze soms minder opvallen dan bovenstaande schildwants, zie ik ook andere wantsen. De bruine getande randwants heb ik nog nooit eerder voor mijn lens gehad. De brilglasvleugelwants wel.

    ☘️

    En ook de kaneelglasvleugelwants en de geblokte glasvleugelwants zijn oude bekenden. Rood valt wat meer in het oog.

    ☘️

    Halyzia sedecimguttata, het meeldauwlieveheersbeestje, de naam zegt het al, leeft van meeldauw. Al vliegend verspreidt hij ook meeldauw. Opvallend is de oranje kleur en de lichte randen van de dekschilden in het midden. De schildranden zijn verplat en enigszins doorzichtig en ook de voelsprieten zijn wat langer dan bij andere soorten. Hij is algemeen, maar niet overal.

    ☘️

    Als afsluiter voor vandaag, want heb uiteraard nog veel meer en ik wil zeker sneller terugkomen, is een foto van de Panemeria tenebrata, de dwerghuismoeder. Dwerghuismoeders, want zijn er twee. Op zuring. De dwerghuismoeder is een dagactieve nachtvlinder die vooral vliegt als het zonnig weer is. De vlinder overwintert als pop onder de grond.

    Dank voor jullie belangstelling en tot ziens.
    Groet, Dianne

    ☘️

    _

    bloemen, vliegen en een bel

    (8 foto’s)
    Februari heeft al wat zonnige, aangename uren opgeleverd. Krokussen, sneeuwklokjes en de bloesem van de kweeappel strijden om voorrang.

    ☘️

    Maar ik zie de bromvliegen graag die vloeistof uit de restanten van de mini-appels zuigen. Fotografisch veel leuker, vind ik. Zeker als er weer een bubbel komt. De bubbel is van de Pollenia. En ook de roodwangbromvliegen zijn machtig om te zien onder het vergrootglas van mijn camera.
    Stoere beesten!

    ☘️

    ☘️

    ☘️

    Maar als je niet van vliegen houdt, heb ik ze je nu wel onder je neus geduwd. Sneeuwklokje dan en kweeappelbloesem?

    ☘️

    Toch ben je er nog niet helemaal vanaf… want tja, de appels moeten ook op…

    ☘️

    _

    Overwintervlieg

    Dank allemaal voor de felicitaties bij de geboorte van Thijs. Het is een mooi, sterk mannetje en we zijn uiteraard allemaal hevig verliefd :-)

    Ik ben nog in het andere huis, in de andere stad, met zijn grote zus. Maandag of dinsdag, als alles zo goed blijft gaan als nu, komen ze thuis. We kunnen niet wachten!
    Sinds gisteren heb ik mijn laptop hier en ik was bijna vergeten dat ik een vliegje had gefotografeerd op een koude januaridag, vlak voor de sneeuwval. Zo koud dat je helemaal geen vliegje verwacht!

    De vlieg was ongeveer 3 mm groot en viel op door de vorm van de vleugels.
    Het is een gele speervleugelvlieg. Ik denk, bijna zeker, dat dit een Lonchoptera lutea is en heb de foto van het vliegje gelijk op Waarneming.nl gepost. Als de naam niet goed is, is daar altijd wel een kenner die mij, wel heel aardig, op de vingers komt tikken. En dat is inderdaad gebeurd. We houden het op Lonchoptera sp. Met dank aan E. de Bree.
    Het vliegje zat op een restant van blad.

    De larven leven van bladafval. De volwassen vliegen variëren in kleur, van geel tot donkerbruin. Het scutellum, het schildje, is bruin tot geel. De antennesegmenten zijn donker. Je kunt dit vliegje van de lente tot aan de herfst aantreffen. En een enkele, zoals deze, in midden winter met vorst. Het zal vast niet goed voor hem zijn geweest.

    ☘️

    _

    Een wereld onder blad

    (4 foto’s)
    Er is nog een wereld te vinden in de tuin onder het herfstblad dat de wind aan de randen verzameld heeft. Niet alleen de wintermuggen, maar ook andere insecten, zoals onder andere kevers, larven van de sluipwespen of rupsen van dag-en nachtvlinders gebruiken het blad om te overwinteren. Misschien worden ze voedsel voor de scharrelende vogels, misschien kruipen ze dieper weg in een schuilplaats. Er zijn steeds minder insecten en alle kleine beetjes helpen: de tuin hoeft niet keurig ‘winterklaar’ te zijn. Je ziet dan ook zoveel meer.
    Ik laat het blad zoveel mogelijk met rust en straks zal het prachtige bladaarde zijn om de aarde in de tuin te verrijken zónder toevoegingen van het tuincentrum. (Klik voor een grotere en scherpere weergave.)

    Lumix en Raynox: Rups Nachtvlinder

    ☘️

    ☘️

    Het valt goed op, het appelgroen van deze bladwesplarve op het herfstblad. De larve lijkt op een rups, maar heeft onder andere meer onafgebroken buikpoten, de kop is donkerder gekleurd en rond. Bladwesplarven hebben ook een wat geribbeld lijf, de afzonderlijke segmenten zijn soms bijna niet zichtbaar en het uiteinde van het achterlijf is vaak naar beneden gekromd. (Bron: De Vlinderstichting.)

    ☘️

    Van blad op mijn hand kroop deze kleine wegdistelspitsmuis. Hij heeft onder de verschillende distels ook de wegdistel als waardplant, vandaar de naam. Deze foto is van eind oktober, maar ook dit parmantige kevertje, uit de familie Apionidae, zat onder het blad verstopt.

    Wegdistelspitsmuis – Ceratapion onopordi

    ☘️

    _

    Wintermuggen

    Wachten

    De wintermuggen beschut onder het herfstblad.
    Zo stil is wachten met lange poten, lange vleugels. Transparant.
    Hun dans is teer en vederlicht in zon, in rijp en sneeuw,
    in licht dat welhaast laat verdwijnen.

    De wind begint en draait de bladeren om en om. Geen zon,
    de wintermuggen wachten.

    ☘️

    Soli 21-11-2018

    Wintermug Trichocera sp. – winter crane flies


    Wintermug Trichocera sp.


    Wintermug Trichocera sp.

    2018 – Macro – Wintermuggen – Trichoceridae – Winter crane flies – Wintermücken – Vintermygg – Vintermyggor – Trihoceride – Pozmrokowate

    ☘️

    _

    Zomers november (17)

    Het lijken toch echt zomerse foto’s die ik hier heb geplaatst, maar ze zijn van deze week. Nou ja, ik liep ook zonder jas. Dit had ik echter niet verwacht toen ik het veld inging om wat herfsttaferelen vast te leggen. Ik wist dat er gemaaid was maar ik was op zoek naar eikels en bladeren en misschien een paddestoel. Mijn verbazing was groot toen ik de drukte op een enkele bos fluitenkruid aan de ongemaaide zoomrand zag. Tenminste ik denk dat het fluitenkruid is, ben niet zo best in het herkennen van wilde planten. Ik ben er niet meer weggegaan. Wat nou herfst?

    Dit is een sluipvlieg, een weinig behaarde soort. Hij valt op door zijn opstaande getekende vleugels. Algemene vlieg, maar mijn eerste keer.
    Misschien onnodig om te vermelden, maar alles is te vergroten door te klikken. (Click to enlarge.)

    Ectophasia crassipennis

    ☘️

    Ook was de woeste sluipvlieg van de partij, het blijft een indrukwekkende vlieg.
    Ik moest even uitzoeken hoe ik met de belichting om moest gaan. Het is heel anders met zo’n lage zon op stralend witte bloemen.
    De foto’s zijn allemaal iets overbelicht, maar ik kon er wel mee naar huis gaan, vond ik.

    ☘️

    Maar wat mij het meest verbaasde, is dat er ook nog een aantal bijen aanwezig waren. Zandbijen en groefbijen.
    Een grasbij, denk ik, was de grootste van het stel.

    ☘️

    Nog een solitaire wilde bij. Een roodgatje?

    ☘️

    Het is een hele serie geworden, maar die kans kon ik toch ook niet zomaar voorbij laten gaan.

    ☘️

    Ik ben benieuwd wanneer het winter wordt…

    ☘️

    _

    25 oktober

    Terwijl ik op mijn knieën een vliegje probeerde te fotograferen, het was eigenlijk te grijs buiten en kil zonder jas, hoorde ik boven mijn hoofd een hard gezoem. Hoewel de stokroos al veel zaad heeft gemaakt, bloeien nog enkele bloemen en daar kwam deze akkerhommel op af. De zaaddoos als rustmoment. Even. De vlieg was toch al gevlogen.

    ☘️

    _

    Najaarszon

    – 2 foto’s –
    De zomer is ten einde, oktober heeft alvast wat verschillende gezichten laten zien, maar er bloeit nog genoeg of is aan een herbloei begonnen, zoals de lavendel. En als dan ook nog de zon schijnt, glanst deze zweefvlieg nog feestelijker. Dit is een snorzweefvlieg, pyjamazweefvlieg, dubbelbandzweefvlieg of cocacolazweefvlieg oftewel Episyrphus balteatus. Ik noem deze soort meestal een pyjamazweefvlieg, maar snorzweefvlieg dekt nog het meest de lading vanwege de snorretjes die je op het achterlijf ziet. Dit is een man: de ogen staan dicht op elkaar.

    Snorzweefvlieg – Episyrphus balteatus 10-2018

    ☘️

    Snorzweefvlieg – Episyrphus balteatus 10-2018

    ☘️

    _

    Na de regen (4 foto’s)

    Myzus persicae (Groene perzikluis) & Lavendula

    Deze luis is ongeveer 1,2 tot 2,6 mm lang. Aan het eind van het seizoen worden alleen gevleugelde luizen gevormd (in de zomermaanden kunnen ook gevleugelde luizen voorkomen). Deze luizen vliegen naar de winterwaardplant waarop ze na paring eieren afzetten. Ze leven niet in kolonies.

    ☘️

    Scathophaga stercoraria (drekvlieg of strontvlieg)

    De vlieg leeft van nectar en af en toe een een insect. Om het voedsel naar binnen te krijgen, gebruikt hij zijn zuigsnuit. De naam komt voort uit het feit dat de eitjes afgezet worden in mesthopen. De eitjes zijn voorzien van zijvleugeltjes, zodat ze niet meteen in de verse hoop verdwijnen.

    ☘️

    Sierappel Malus ‘Red Sentinel’

    Er ligt vaak een kat in de kroon van deze kleine boom te slapen. Na de bloei van de bloesem ontstaan kleine kersachtige appeltjes die tot in de winter aan de boom blijven hangen. De appeltjes kun je eten, maar zijn smakeloos. De lijsterachtigen eten ze graag. Ik gebruik ze als decoratie.

    ☘️

    Neomyia sp. (Panasonic lumix & Raynox DCR-250)

    Dit is een Neomyia uit de familie echte vliegen. Welke volledige benaming hij heeft, viridescensis of cornicina, is onduidelijk want dat zou je onder andere aan de vleugeladering moeten zien. Die is onzichtbaar op deze foto. En alsof het nog niet nat genoeg is, komt er nog een druppel bij…

    ☘️

    _

    Ruigtelieveheersbeestje

    3-6 mm. Het ruigtelieveheersbeestje (Hippodamia variegata) is een vrij klein en langwerpig lieveheersbeestje dat gemakkelijk te herkennen is aan de karakteristieke witte tekening op het zwarte halsschild: zowel de zijranden als de voorrand zijn wit met een witte middenstreep die tot halverwege loopt. Aan weerszijden van deze middenstreep staat in de zwarte vlek een witte vlek die soms ook verbonden is met de voorrand. Op de achterste helft van elk dekschild staan drie grote stippen en op de voorste helft staan naast de schildstip nog één tot drie kleine stippen.

    Je kunt ze in kruidenvegetaties en struweel vinden, zowel in natuurgebieden als in stedelijk gebied (bijv. braakliggende terreinen). Heeft een voorkeur voor kruidenvegetaties die afgewisseld worden met open zandige plekken.
    De meeste waarnemingen komen uit juni tot oktober met een piek in augustus.
    Overwintering – Tussen bladafval en op lage planten.
    Voedsel – Bladluizen.

    Bron: waarneming.nl

    ☘️

    _

    Herbstfreude

    De hemelsleutel, sedum Herbstfreude komt nu in bloei. Zet deze plant in je tuin als je hem nog niet hebt, want in het het najaar hebben de verschillende insecten de nectar nog nodig. Ook kunnen ze er goed in schuilen. Heel veel bloemen zijn nu aan het uitbloeien, maar de sedum Herbstfreude begint met de bloei van de late zomer tot ver in oktober.

    Dit is de Menuetzweefvlieg – Syritta pipiens. Deze soort is niet moeilijk op naam te brengen. De menuetzweefvlieg is een klein, slank zweefvliegje dat als een ‘stokje’ voor bloemen en tussen de vegetatie kan zweven, waarbij ze schokkerig voortbewegen. Achterlijf zwart met wittige vlekken. Achterdij zeer dik. Tekst: waarneming.nl
    In het Zweeds heten deze diertjes Kompostblomfluga en dat dekt de naam wel want de larve leeft van afval op allerlei plekken, zoals bij de bodem en in composthopen.

    Deze plant trekt ook honingbijen aan. Ik heb er van de week nog 6 geteld op een dag. Dit is de gewone honingbij, Apis mellifera.

    Hieronder nog een vrouw dambordvlieg en daar is ook nog wat over te vertellen.

    Met de soortnaam dambordvlieg zit ik goed. Ik zou deze vlieg in volle overtuiging aanduiden met Sarcophaga carnaria, maar het geslacht Sarcophaga bestaat in Nederland en België uit niet minder dan 30 soorten, die allemaal zo sterk op elkaar lijken, dat alleen microscopisch onderzoek uitkomst geeft over de exacte soort. Als voorbeeld van dit geslacht wordt in de insectengidsen vaak Sarcophaga carnaria opgevoerd. Maar dat betekent niet dat elke dambordvlieg dus ook die soort is.*
    Kijk, dat wist ik helemaal niet.

    * De informatie en tekst komt van Gardensafari

    Bij deze sedumsoort kan ik gewoon een stoel neerzetten, gaan zitten met de camera op mijn knieën en kijken en wachten op wat er allemaal aan komt vliegen en kruipen. Een blinde bij, een gewone muurwesp, een woeste sluipvlieg, een kraamwebspin, een akkerhommel en de regen. ↓

    ☘️

    _

    Het is weer voorbij, die …

    Tijd vliegt. Het zomerseizoen voorbij. En gaf de ochtend van vandaag al een herfstige aanblik. Bij het sorteren van mijn foto’s heb ik eens gezocht naar een ultiem zomerbeeld. Denk dat dit dat wel waarmaakt…

    ☘️

    _

    Woeste sluipvlieg

    In 3 foto’s.

    ‘Eén van de algemeenste sluipvliegsoorten in de Benelux is de woeste sluipvlieg. Maar het is een problematische soort, want er zijn er twee. Ze lijken op elkaar als twee druppels water. Lange tijd is gedacht dat je ze uit elkaar kon houden door te kijken naar de zwarte streep over het achterlijf. Bij Tachina magnicornis zou die streep breder zijn dan bij Tachina fera. Maar door de genitaliën te bestuderen heeft men vastgesteld dat dat lang niet altijd op gaat. Ook is de kleur van de pootjes bij beide soorten soms variabel. Wel zit er verschil in de antennes, maar dat valt op foto’s zelden te zien. Zonder genitaalonderzoek zul je het dus altijd moeten houden op Tachina fera of Tachina magnicornis. En ben je in Zuidelijk Europa, dan komen daar nog andere sterk gelijkende soorten bij! Overigens is Tachina magnicornis in West Europa veel zeldzamer dan Tachina fera. De laatste parasiteert op enkele grotere uilen, zoals de hyena. De ontwikkeling gaat razend snel: 10 dagen nadat het ei is gelegd kan er al een nieuwe vlieg verschijnen!’
    – Tekst: Gardensafari

    ‘De vlieg wordt ongeveer 9 tot 16 millimeter lang, en is te herkennen aan het geeloranje achterlijf met in het midden een brede, zwarte streep. De achterlijfspunt is lichter en tegen het borststuk is een dunnere zwarte rand aanwezig. Voor het borststuk zit een opvallend, oranjerood en glanzend ‘bultje’ dat postscutellum heet. De achterzijde van de kop is fijn behaard, de ogen zijn rood van kleur. Het borststuk is grijsbruin en over het hele lichaam zit een niet erg dichte maar wel lange, zwarte en borstelige beharing, een kenmerk van veel sluipvliegen. Aan de wilde beharing heeft deze soort zijn naam te danken.’
    – Tekst: Wikipedia.

    ‘Sluipvliegen leggen hun eitjes in of bij de larven van andere insecten. De sluipvlieglarve eet vervolgens de andere larve op. Er zijn heel veel sluipvliegsoorten (alleen al in de Benelux meer dan driehonderd!) en en elke soort is op bepaalde insectensoorten gespecialiseerd.’
    Tekst: Gardensafari.

    ☘️

    _

    Dauwvliegen

    Kijken of het werkt: drie vliegen in dauw en omzetten naar zwart-wit. Wat is mooier, ik weet het niet. Daarom zijn de kleurenversies ook ingevoegd, om te vergelijken. Apart is het wel, al die dauwdruppels, maar natte vliegen op naam brengen is een beetje veel gevraagd. Daarom heten ze hier ‘Dauwvliegen’. Dat dekt die lading druppels wel. Onnodig te vermelden dat je ze kunt vergroten.

    in zompig gras en mat-grijs licht, wacht het botte maaien
    laaien bessen in de struiken, haasten stappen op het pad
    sluipen, wieken, ruisen – het park schemert wit in dauw
    terwijl vleugels wachten op een lauwe wind
    blaast de lucht zich hemelsblauw

    soli 2018

    ☘️

    _

    Sprinkhaanvlieg

    Gek genoeg bedacht ik mij gisterenochtend dat ik dit jaar nog geen sprinkhaanvlieg (Stomorhina lunata) had gezien terwijl het toch een algemeen voorkomend (brom) vliegje is. Maar goed, ik stond er verder niet bij stil. Meestal fotografeer ik wat me voor de voeten komt.
    En toen, en toen, en toen… was hij daar gewoon.

    En ging hij ook nog bellenblazen.

    De larven van de soort leven in eipakketten van treksprinkhanen. De vlieg is net geen centimeter groot, heeft een uitstekende snuit en horizontale banden op de ogen. Mannetjes hebben op hun achterlijf een gele tekening.

    Dit is een mannetje. Voor een vrouwtje klik je hier.

    Het mannetje wordt nog al eens aangezien voor een zweefvlieg (geel-oranje banden op zijn achterlijf). De sprinkhaanvlieg wordt ook wel vaker voor een snuitvlieg gehouden, juist vanwege het uitstekende snuitje. Maar let maar eens op zijn prachtige ogen.

    Wat een geweldig mooi toeval is dit, ’s ochtends denken, ’s middags zien. Met een bel als voltreffer.

    De foto’s zijn te vergroten, click to enlarge…

    ☘️

    _

    Blauwtjes

    In 7 foto’s.

    Op zoek naar blauwtjes, kwam ik het icarusblauwtje, de kleine vuurvlinder en het boomblauwtje tegen. En nog een heleboel andere insecten. Maar in dit blog blijf ik graag bij de blauwtjes. Toen ik ze zag, ben ik er niet achter aan gaan lopen, maar in het gras gaan zitten tussen de distels en het knoopkruid. De ervaring leert dat alles vanzelf komt. En het kwam, gehavend en wel…

  • Klik om te vergroten. Click to enlarge
  • .

    Polyommatus icarus – Icarusblauwtje – Common blue – Hauhechel-Bläuling – Argus bleu – Almindelig blåfugl – Puktörneblåvinge – Modraszek ikar – Módračk

    Lycaena phlaeas – Kleine vuurvlinder – Small copper – Kleiner Feuerfalter – Cuivré commun – Lille ildfugl – Mindre guldvinge – Czerwończyk żarek – Copor bach

    Celastrina argiolus – Boomblauwtje – Holly blue – Faulbaum-Bläuling – Azuré des nerpruns – Vårblåvinge – Tosteblåvinge – Modraszek wieszczek – ルリシジミ

    ☘️

    _