Sprinkhaanvlieg

Een apart vliegje (♂) op de vlinderstruik.

De sprinkhaanvlieg of Stomorhina lunata is een kleine bromvlieg met opvallende strepen op de ogen, een puntige snuit en grijs bestoven lengtestrepen op het borststuk. Door de oranje tekening op het achterlijf wordt het mannetje wel eens aangezien voor een zweefvlieg. Het vrouwtje heeft grijzige achterlijfvlekken en duidelijk gescheiden ogen.
De sprinkhaanvlieg werd in 1990 voor het eerst in Nederland gezien. Hij komt oorspronkelijk voor in (half-)woestijnen in Zuid-Europa en Afrika, waar hij op de eieren van treksprinkhanen parasiteert.
Het is vooralsnog een raadsel of deze soort jaarlijks vanuit Afrika (of Zuid-Europa) hier naartoe vliegt of zich in Nederland voortplant. Van een trekkende soort zou je vooral van de bevruchte vrouwtjes verwachten dat ze grote afstanden afleggen om nieuwe haarden van treksprinkhanen te ontdekken. De mannetjes zullen vooral in de buurt van voortplantingsplaatsen wachten tot de vers verpopte vrouwtjes uit de grond komen. Onduidelijk is vooral of er in Nederland wel geschikte voorplantingsplaatsen zijn.*

*Bovenstaande informatie over deze vlieg is overgenomen uit het digitaal artikel (2014) van EIS Kenniscentrum Insecten via Natuurbericht (link, lees daar meer).

Dit blog is een dag later bijgewerkt (24-07-2015 ♀ Stomorhina lunata)

Vandaag, 24-07-2015, zat het vrouwtje van de sprinkhaanvlieg op de bloemen van de vlinderstruik. Ze oogt veel grijzer dan het mannetje en de ogen staan verder uit elkaar. Een heel mooie treffer om het vrouwtje ook te zien en op de foto te kunnen zetten. Dat ging overigens minder eenvoudig dan met het mannetje. Ze was een stuk beweeglijker met nectar zuigen en verstopte zich meer in de bloemen.
Klik op een foto om de galerij te openen en de foto’s vergroot weer te geven.


 

Read more about Stomorhina lunata from Wikipedia

 

Vespa crabro

Vespa crabro - hoornaar - European hornet - frelon européen - Bålgeting - Hornisse - avispón

Vespa crabro – hoornaar – European hornet – frelon européen – Bålgeting – Hornisse – avispón

Nauwelijks een papierwesp gezien afgelopen zomer en dan komt de grootste wesp van Europa met een hoop gezoem uit de spouwmuur tevoorschijn. Geen nest, dat hebben de schilders ongerust gecheckt.
De hoornaar mag dan wel een fors uiterlijk hebben, hij kan tot 3,5 cm lang worden, de wesp is minder agressief dan de limonadewesp. De hoornaar zal alleen steken bij beknelling of aanraking, maar de steek is venijnig pijnlijker.

Drie bijogen

Drie bijogen

Het is een prachtig dier om te zien: kop, borststuk en het eerste segment van het achterlijf zijn roodbruin tot donkerbruin gekleurd. Op de zijkanten van de kop bevinden zich grote langwerpige facetogen, met aan de bovenzijde van de kop een drietal bijogen.
Bij de hoornaar is ook de kop achter de ogen sterk verbreed. Hij heeft twee stevige zijwaarts bewegende kaken (mandibels) en daaronder monddelen waarmee hij kan likken en zuigen.

Blomsterphoto Vespa crabro kl. Soli 2014
 
Het nest dat een seizoen bewoond wordt, zit op een droge plaats, bovengronds in bomen of gebouwen. Het nest dient te blijven zitten als het geen gevaar oplevert voor mens en dier.
 
 
 

In augustus-september komen mannelijke exemplaren, darren, en vruchtbare wijfjes, jonge koninginnen, uit de poppen. Deze verlaten het nest om te paren, de darren sterven al snel nadat ze hun paartaak gedaan hebben.

 
Blomsterphoto Vespa crabro 2 kl. Soli 2014
 

De hoornaar eet vooral eiwit-en suikerhoudend voedsel voor het voeden van de larven. De wespen zijn carnivoor en eten rupsen en spinnen die ze uitzuigen. De hoornaar vangt ook kleinere wespen.
Hoe hoger de luchttemperatuur, hoe actiever de wespen zich gedragen; in de winterperiode alleen de jonge koninginnen. Bij het optreden van de eerste nachtvorst sterven de nestbewoners, soms wel vierduizend exemplaren, met uitzondering van de jonge koninginnen.

 
 
 
Bron: Wikipedia en De hoornaar – Aarts, bij en groen
Vespa crabro2 Blomsterphoto Soli 2014

 

Sicus ferrugineus in januari…

(Twee foto’s.)
Dat de natuur ontregeld is, is duidelijk. Het is zacht voor de tijd van het jaar. Ik zie ‘de lente’ al ontspruiten in mijn tuin. De tijd is kwijt en zal alsnog bevriezen. En dan een blaaskopvlieg zien. Roodbruin met een gele kop. Het is de Roestbruine kromlijf, vliegtijd mei – september en parasiterend op hommels. De Sicus ferrugineus is vrij algemeen, maar niet in januari…

Blomsterphoto, Sicus fusenensis, Roestbruine kromlijf, Soli 2014

Blomsterphoto, Sicus fusenensis, Soli, 01-14